In onze kleutertijd komen wij tot de ontdekking dat de mensheid is verdeeld in
vrouwen en mannen. Kort of lang daarna, dat hangt van het tempo van onze
bewustzijnsontwikkeling af, gaan wij ervaren dat aan het geboren zijn in een
vrouwelijk of een manlijk lichaam enorm veel sociale consequenties vastzitten. Onze
medemensen behandelen ons anders, onze ontplooiingsmogelijkheden en
toekomstkansen zijn anders, al naar gelang de aard van de kinderlijke genitaliën
waarmee wij ter wereld kwamen. Lang voordat er van enig noemenswaard psychisch
verschil tussen meisjes en jongens sprake is, wordt meisjes vaak verboden het soort
wilde, de buitenwereld explorerende spelletjes te doen die zij even leuk zouden
vinden als jongetjes. Meisjes krijgen van hun ouders geen duur technisch speelgoed
en jongetjes meestal geen poppen. Meisjes mogen veel minder hun agressie uiten,
jongetjes mogen minder hun gevoelens uiten. Kortom: voordat iemand heeft kunnen
vaststellen of en welke verschillen er zouden kunnen zijn tussen kleine vrouwelijke
en manlijke mensen is er al een heel proces van sociale discriminatie en culturele
stereotypering op gang gebracht. De inhoud van het door de omgeving verlangde
sekse-stereotype kan variëren van cultuur tot cultuur en binnen één cultuur nog eens
per sociale klasse.